Ga naar de hoofdinhoud general.skipToSearch general.skipToNavigation
25 jaar kennis en ervaring
Natuurinclusief
Paardenwelzijn
Fallback Image

De ideale afstand tussen de plant en de draad: zo bescherm je paardenplanten

Het is de meest gestelde vraag door paardeneigenaren die de huisvesting van hun paard willen verrijken met planten. Terecht, want je plant natuurlijk geen planten die de volgende dag al met wortel en al door nieuwgierige paarden weer uit de grond worden getrokken. Door planten op een strategische afstand van de draad te zetten, kun je ze beschermen, terwijl de paarden na op termijn alsnog browsen van de bladeren, takken of vruchten.

Beschermen moet!

Jonge aanplant moet je altijd beschermen tegen je paard. De plant moet eerst flink kunnen wortelen en groeien, zodat je paard later kan browsen of van de beschutting kan zoeken. Door het bladergroen krijgt de plant energie en ontwikkelt de plant zich uiteindelijk tot een vitale plant. Naast overbegrazing kunnen paarden ook schade toebrengen door te schuren aan de bast van bomen en struiken. Dit kan ernstige gevolgen hebben voor de plant:

1. Ringelbeschadiging: Als een paard de bast rondom de stam volledig afslijt, wordt de sapstroom onderbroken, wat de boom kan doden.
2. Schimmelinfecties en rot: Open wonden in de bast zijn een toegangspoort voor schimmels en bacteriën, wat de gezondheid van de plant ernstig kan aantasten.
3. Verzwakking van de structuur: Beschadigde stammen en takken kunnen breken, waardoor de plant zijn vorm en groeicapaciteit verliest.
4. Wortel- en hartbeschadiging: Door te trekken of te schuren aan jonge planten kunnen wortels beschadigd raken, wat de stabiliteit en wateropname van de plant vermindert.
5. Bodemverdichting: Als je paard vaak van één plant eet, zal de bodem waar jouw paard staat tijdens het browsen verdichten. Een verdichte bodem heeft negatieve gevolgen voor de wortelgroei en dus voor je plant.

De juiste afstand van de draad bepaal je per plant en per paard

De ene plant groeit sneller dan de andere en de ene plant is gevoeliger voor overbegrazing dan de andere. Ook de grootte van je paarden speelt een rol: een Shetlander heeft een ander bereik dan een groot KWPN-paard. Met onze tips weet jij waar je op moet letten:

1. Bomen
Wil je dat je paard zelf van de boom kan browsen of onder de boom schaduw kan zoeken?
Aanbevolen afstand tot de draad: Minimaal 70 cm. voor kleine paarden en pony's, 1 tot 2 meter voor grote paarden.
Bescherming van grotere bomen: Gebruik een stevige boomkorf, jute of een dubbele afrastering om schade aan de stam te voorkomen.
Vruchtbomen: Houd er bij het plaatsen van de omheining rekening mee dat de vruchten binnen de afrastering moeten vallen, zodat je niet iedere dag de appels of peren uit je paddock hoeft te rapen. Met een plantafstand van 3 meter tussen draad en plant kan jouw paard op termijn wel van de blaadjes browsen en kun jij zelf vruchten oogsten.

2. Heesters en paardenhagen
Struiken zijn onmisbaar in een paardenparadijs. Ze maken van je equihabitat een plek vol biodiversiteit.
Aanbevolen afstand tot de draad: 70 cm tot 1 meter voor kleine paarden en pony’s, 1 tot 2 meter voor grotere paarden.
Aanvullende bescherming: ga de hoogte in met een derde draad of gebruik stroom.

3. Vaste planten en kruiden
Deze planten kunnen gemakkelijker beschadigd worden door overbegrazing of vertrapping.
Aanbevolen afstand tot de draad: 0,5 tot 1 meter, afhankelijk van de groeisnelheid en grootte van de plant.
Aanvullende bescherming: ga de hoogte in met een derde draad of gebruik stroom.

Tips voor succesvolle aanplant van je paardenplanten

  • Kies robuuste, snelgroeiende soorten die goed tegen browsen kunnen, zoals wilg, meidoorn, zwarte bes en rozenbottel. 
  •  Houd je paard bij de toppen weg: Zorg ervoor dat je paard niet de toppen uit de plant kan eten, want anders zal je haag of plant nooit de hoogte in gaan. 
  •  Ga voor stekels en variatie: wissel favoriete planten af met stekelige planten, zoals rozen en meidoorn. Paarden zullen daardoor behoedzamer eten van de haag. 
  •  Houd rekening met de reikwijdte en motivatie van je paard. Het ene paard is het andere niet (hallo giraffennek!), dus test en probeer. 
  •  Gebruik elektrische afrastering als extra barrière om jonge aanplant te beschermen. Stroom op de draad is zeker de eerste twee jaar een must! 
  •  Ga de hoogte in: Heb je geen ruimte om de planten op de ideale plantafstand aan te planten, verhoog dan de afrastering met een extra stroomdraad. Heb je zowel kleinere als grotere paarden en pony's? Werk dan met hoogte en tussenruimte. Onze Shetlander kan op verschillende plekken tussen de draden door van planten knabbelen, terwijl onze Criollo moeite moet doen om over de draden heen te reiken. 
  •  Wissel af met stroom. Zie je al flinke groei op de planten, maar het nog te vroeg om je paard er onbeperkt van te laten eten? Haal de stroom er een dagdeel per dag af en observeer je paard en de planten regelmatig. Is de plant sterk in trek, dan houd je de toegang tot de plant nog beperkt. 
  •  Geef de planten tijd om te wortelen: Door de plant eerst ongeveer 2 jaar ongestoord te laten groeien, geef je de plant de kans om een stevig wortelgestel aan te leggen. Ondertussen kun je natuurlijk zelf wel takjes van de plant snoeien om aan je paard aan te bieden. 
  •  Gebruik prikpaaltjes of een tijdelijke extra stroomdraad, zo creëer je tijdelijk een veilige afstand voor je plant. 
  •  Zorg voor voldoende aanbod. Als er weinig te browsen is, zal je paard bij vaker van dezelfde plant eten, waardoor de plant te weinig energie overhoudt om vitaal te blijven.

Plant een paardenhaag

De makkelijkste en snelste manier om te verrijken met paardenplanten is onze paardenhaag. Onze paardenhaag functioneert als een lopend buffet en je paard kan over een flink aantal meters van allerlei verschillende planten browsen. Je krijgt bij aankoop plantinstructies meegeleverd en we vertellen je in de plantinstructies ook hoe je de haag kunt beschermen.

Stroomverlies voorkomen

Door de planten niet te dicht op de afrastering te planten, voorkom je ook stroomverlies. Zodra de paarden zelf de toegang krijgen tot de haag, doen ze zelf het snoeiwerk. Wij hoeven aan de draadkant van onze paardenhaag nooit te snoeien en hebben ook geen stroomverlies door de paardenhaag.

Zo beschermen wij onze planten in onze Browsing Paddock:

In het minituintje in onze Browsing Paddock staan de struiken het verst van de omheining. Zo proberen we ervoor te zorgen dat de takken wel gegeten worden, maar de stam en bast niet beschadigen. De kruidachtigen staan dichter bij de draden, die groeien veel sneller weer aan. Onze omheining bestaat uit 3 stroomdraden, waarvan de bovenste op 150 cm, zodat er niet tot de grond gegeten kan worden en het plantje met wortel en al uit de grond getrokken wordt.

Overdag staat er stroom op de draden, want dan kunnen de paarden browsen vanuit de hele track in de hele equihabitat. Dit minituintje ligt in namelijk in de nachtkraal. ‘s Nachts staat er geen stroom op de draden en zo kunnen Moreira en Billy zolang ze in de nachtkraal staan naar behoefte van de planten eten. De planten staan er nu één jaar. Komende zomer halen we de bovenste draad weg. De planten zijn dan goed geworteld en kunnen tegen een knabbeltje.

Probeer en leer!

Je ontdekt na een tijdje wat voor jouw situatie de ideale afrastering is. Misschien moet je er een plantje (of twee) voor opofferen, maar dat is natuurlijke huisvesting voor je paard zeker waard!

Vragen over de plantafstand tot de draad? Kom naar onze themadag Paardenhagen en stel je vragen aan Sietske.